Optimale afstemming lichtinstraling en watergift cruciaal voor goede plantbalans

30-09-2021    10:48   |    Goedemorgen

Saint-Gobain Cultilene en Hortilux werken intensief samen binnen Plant Empowerment De plant in optimale balans houden, wat betreft water, energie en assimilaten. Dat is waar het om draait binnen Plant Empowerment. Om dit evenwicht te realiseren, dienen onder meer watergift en lichtinstraling zo goed mogelijk op elkaar te zijn afgestemd. Saint-Gobain Cultilene en Hortilux – beiden implementatiepartners van de Plant Empowerment-teeltfilosofie – trekken daarom intensief samen op en pleiten voor een planmatige aanpak.

Binnen Plant Empowerment gaat het om het creëren van een optimale balans op het gebied van water, energie en assimilaten. Zijn al deze zaken goed geregeld en verhouden de balansen zich op een juiste manier tot elkaar, dan is de plant volledig in evenwicht. “En dit kan veel opleveren”, zegt Remy Maat, Manager Application bij Cultilene. “Denk bijvoorbeeld aan een gezonder en weerbaarder gewas, een betere kwaliteit en een hogere productie. Ook is minder inzet van water, meststoffen, energie en gewasbeschermingsmiddelen nodig. Op welke vlakken de meeste winst te boeken is, verschilt per teler en hangt af van waar een bedrijf nu staat.”




Sterk verbonden
Cultilene is sinds de start implementatiepartner van Plant Empowerment (GPE). Alle partners hebben hun eigen focusgebieden. Cultilene richt zich met name op de watergift. Hortilux focust, als leverancier van groeilichtoplossingen, vooral op de pijler licht. Samenwerking tussen beide partners is hard nodig, benadrukt Hans de Vries. Hij is Consultant Grow Light Performance bij Hortilux. “Licht en watergift zijn namelijk zaken die sterk op elkaar ingrijpen en aan elkaar verbonden zijn. Licht is immers aanjager van de fotosynthese en daarmee van het productieproces. Maar is er onvoldoende water en voeding beschikbaar, dan stagneert de fotosynthese en kan de plant dus ook het beschikbare licht niet benutten. Om te komen tot een goede plantbalans moeten lichtinstraling en watergift optimaal op elkaar zijn afgestemd.” Maat beaamt dit en geeft aan dat zowel de hoeveelheid als het type licht in een kas van invloed zijn op de watergift. “Hoe meer licht en instraling, hoe hoger de temperatuur in de kas en hoe meer water de plant nodig heeft om zichzelf te kunnen koelen. En ook het type lichtbron – zonlicht, SON-T-licht of LED-licht – is hierbij van belang. SON-T-lampen geven veel meer warmte af dan LED-lampen, waardoor deze dus ook een ander effect hebben op de plant en op de verdamping. Daar moet je rekening mee houden bij het aanbieden van water en nutriënten.” In zijn algemeenheid geldt: hoe hoger de lichtinstraling en de temperatuur, hoe meer water wordt gegeven. “Tegelijkertijd verlagen we de EC naarmate de temperatuur stijgt. Bij een hogere temperatuur heeft de plant weliswaar meer water nodig, maar de benodigde voeding blijft gelijk. Is de EC te hoog, dan wordt het voor de plant lastiger om water op te nemen en kunnen negatieve effecten op de plantgroei ontstaan.” Maat geeft ook nog aan dat de water- en EC-gift altijd wordt aangepast aan de beschikbare hoeveelheid licht in een kas en niet andersom. “Dit is ook logisch. Het groeilicht is immers een vast gegeven, dit kun je niet zomaar veranderen. Water is daarentegen altijd in de juiste hoeveelheid te doseren.”



Gelijkmatige watergift in wintermaanden
Beide GPE-consultants benadrukken dat de winter een speciale periode is, als het gaat om de relatie tussen licht en watergift. In dit jaargetijde is de instraling van buiten relatief gering, daarbij belichten telers meestal iedere dag hetzelfde aantal uren. “Licht is dus een vrij constante factor. Dat betekent ook dat je de watergift anders moet benaderen; deze kan vrij gelijkmatig zijn”, zegt Maat. “Een etmaal wordt meestal opgedeeld in drie perioden. Het begint met een donkere periode, tussen 18 uur en middernacht. Dan wordt geen water gegeven. Om middernacht gaan de lampen aan. Op zijn vroegst twee uur na het aanzetten van de belichting starten we met watergeven. In deze belichte nacht geven we maximaal twee à drie beurten tot ongeveer twee uur voordat de zon opkomt. Daarna start dan de dag, die doorloopt tot 18 uur. Hierbij geven we twee uur na zonsopkomst de eerste beurt, waarna we vervolgens overgaan op een normaal dagritme.” De Vries geeft aan dat de beschikbare hoeveelheid licht in de kas in het voor- en najaar daarentegen meer fluctueert. De buitenomstandigheden en de hoeveelheid zonlicht verschillen dan immers sterker. “Dat vergt dus ook meer aanpassingen in de water- en EC-gift. Je kunt dan doorgaans op een minder constante manier watergeven dan in de wintermaanden.”



Planmatige aanpak
Samenvattend is het afstemmen van de watergift op de beschikbare hoeveelheid licht in de kas dus geen sinecure. “Sterker nog: dit is een behoorlijke uitdaging. Zeker nu groeilicht steeds meer terrein wint, en steeds meer verschillende soorten groeilicht worden ingezet”, zegt Maat. “Vanuit GPE werken we daarom aan een protocol met richtlijnen voor watergift bij de inzet van groeilicht. Dit moet telers handvatten bieden om hier op een juiste manier mee om te gaan.” Een planmatige aanpak is volgens Maat en De Vries heel belangrijk. Hun advies is om vooraf op papier te zetten hoeveel licht je als teler – op basis van de plantbelasting – iedere week nodig hebt in je kas en hoe de belichting hierop wordt afgestemd. “Hier kun je dan ook de watergift in grove lijnen op afstemmen”, zegt De Vries. “Maak je geen plan, dan zul je vaker ad hoc moeten bijsturen en loop je eigenlijk altijd achter de feiten aan. De meeste tomatentelers starten rond de donkerste dag bijvoorbeeld vaak met een extra stengel. Dat betekent dus ook dat in de navolgende weken geleidelijk aan meer licht nodig is en dat de watergift moet worden opgeschroefd. Het is goed om dergelijke momenten zorgvuldig te plannen; last-minute bijsturen is heel lastig.” Maat benadrukt dat grote correcties in de teelt sowieso niet wenselijk zijn. “Reageren in extremen is nooit goed; dit is negatief voor de plantbalans en dus uiteindelijk ook voor de productie en kwaliteit. Een plant moet gelijkmatig en consistent kunnen groeien. Kortom: anticiperen in plaats van reageren, dat is het credo.”


Wilt u meer weten over het efficiënt inzetten van groeilicht?

Vul het onderstaande formulier in en wij sturen u direct het kennisdocument toe. Daarnaast ontvangt u eenmaal per drieweken een kennisartikel over groeilicht.

Meer artikelen